Team Motorsport Harlingen in vijfde editie 3 Uren Oss

OSS – Vijfenveertig teams namen deel aan de Le Mansstart van de 3 Uren van Oss. Twee vielen uit door een valpartij en elf kregen óf panne, óf maakten te weinig ronden voor de einduitslag. In deze vijfde editie reden Tajan van der Wiel en Gijs van Hesteren de 1976 Japauto Honda CB750 naar een 32e positie.

Tekst en foto’s Gijs en Inge van Hesteren

Tajan van der Wiel met de Japauto Honda CB 750.

Tajan van der Wiel met de Japauto Honda CB 750.

Een geheime strategie voor een podiumplaats lijkt er niet te zijn. De Aalsmeerders Aart van Erkel en vriendin Jamie de Kuijer van Team Pommetje Uf wonnen de eerste prijs in de Youngtimerklasse. “We hebben geen geheim. We rijden gewoon. Als je het maar leuk hebt. Zonder wat te zeggen weten we van elkaar wat er aan de hand is.” De twee finishten met hun Honda VFR400 op de vierde plaats overall.

Absolute winnaars – en ook van hun Vintageklasse  – was het Amsterdamse Team Paulus met de Moto Guzzi V50. Ted Haanappel: “Hou de pitstops zo kort mogelijk, dat is heel belangrijk.” Teammaat Ynke Piersma protesteert. “Niet vertellen oen! Hoe wij het doen hoeven ze niet te weten.” Team Paulus ontving uit de handen van Jenny van Alebeek, voorzitter van de Stichting Wegrace Oss tevens de Frans Heesen wisselbokaal.

In de pitstraat.

In de pitstraat.

Voorspoedige slijtageslag

De endurance verliep voor het Harlingse team voorspoedig genoeg. In 2013 en 2014 werd het geplaagd door hardnekkige en dure technische problemen. In 2015 ging het veel beter. Nog wel kinderziektes, maar in ieder geval een betrouwbaar lopende machine. Wel was hij te midden van het overige deelnemersveld veel te langzaam. De twee coureurs moesten zich het snot voor de ogen rijden om te finishen binnen de gestelde tijd van 65% van het aantal ronden dat het snelste team van de dag had afgelegd.  Af en toe schuurden de uitlaatbochten over het wegdek.

De 3 Uren van Oss worden verreden op het bedrijventerrein Paalgraven. Veel lange rechte stukken, afgewisseld met haakse bochten. Benodigd: goede remmen en veel vermogen. Het eerste was met dubbele schijven in het voorwiel dik in orde, al had de voorband de neiging om over het asfalt te stuiteren. Een gevoelige remhand was geboden. Met het vermogen lag het anders. De motor beschikt over een vrijwel standaard motorblok. Slechts dankzij een open uitlaat en inlaat bereikt de machine een PK of zestig aan het achterwiel.

Tanken met de nieuwe snelvuller.

Tanken met de nieuwe snelvuller.

“Veel te weinig”, mopperde Tajan van der Wiel. “Het hele veld suist ons voorbij op het rechte eind.” Dat klopte wel een beetje. Het merendeel van de machines was óf van een veel recenter bouwjaar (tot 1987), óf beschikte over veel meer cilinderinhoud. “Als het een beetje kan gaan we komende winter naar 1000 cc”, zei Van der Wiel.

Gijs was het ermee eens. “Met schakelpook en uitlaatbochten over de grond schurend door de bochten. Behalve laat remmen en gas geven, wat kan je nog meer doen?”

Weinig oponthoud

Vorig jaar werd de wedstrijd een aantal malen stilgelegd, dan weer door valpartijen, dan weer door vrachtwagens die het bedrijventerrein af wilden. Daarvan was deze keer geen sprake. Bij het schrijven van dit verslag waren er twee valpartijen bekend, die geen van beide oponthoud veroorzaakten. In de eindfase remde Chris van der Weide zijn BEET-replica vlak na de pitstraat onderuit – rijder OK. Ossenaar Robby Wagemakers probeerde in zijn vijfde ronde hetzelfde in bocht twee en moest dat helaas bekopen met vrij zwaar schouderletsel.

Gijs met de Japauto in bocht 1.

Gijs met de Japauto in bocht 1.

Pech was er ook voor een aantal teams. De klassiekers zijn en blijven oude machines. Beroemdheid van weleer Tonny van Schijndel en zijn jonge teammaat Arnoud van Kuijk gingen geweldig het eerste uur. Arnaud: “We lagen aan de kop van het veld en waren vast van plan dat zo te houden. Jammer genoeg ging de brandstofpomp kapot en de motor deed helemaal niets meer. We zijn heel lang bezig geweest in de pitstraat en uiteindelijk liep de machine, maar we konden ons niet meer kwalificeren voor de totaaluitslag.”

De prachtige Laverda van Marc en Paul Weytens stopte ermee na 21 ronden, de Laverda van Otte in Bert Schakel idem na 31 ronden. Marian van Beveren strandde met haar BMW in haar veertiende ronde met een kapotte ontsteking tussen bocht 8 en 9 en kon daar niet meer wegkomen zolang de wedstrijd duurde. Haar teamgenoten verkeerden twee uur in onzekerheid. Lag zij op haar kop in een slot, of was alles OK? Dat viel mee. Hans van der Starre moest de Cagiva Elefant parkeren in de pitstraat. Hans: “Hij liep al een beetje anders dan anders. Nadat we de motor hadden stilgezet kregen we hem nooit meer aan de gang.”

Dat waren dan de mensen met pech. Het allergrootste merendeel reed de drie uren met een kamerbrede glimlach achter het helmvizier. “We zouden eigenlijk maar één keer meedoen”, zei Mathieu van Kessel van Team Rumaracing. “Voor ons was het een geslaagde race. Jammer van de kapotte versnellingsbak. De tweede versnelling lag er al in het begin uit. Maar wat was dit leuk. We zijn totaal verkocht.” Een mening die gedeeld wordt door alle medecoureurs, de organisatie en het publiek.

Le Mansstart.

Le Mansstart.

 

Leave a Reply