Carrière maken via Maritiem Instituut Willem Barentsz

 

Leerlingen Maritiem Instituut Willem Barentsz, West-Terschelling

V.l.n.r. Laura Dijkstra, Hanna Nengerma en Anna Lagemans. ‘We zitten met vijf meiden op de afdeling hydrografie. Je kunt ons herkennen aan het zeepaardje op de epauletten.’

TERSCHELLING – Hoe staat het met de carrièrekansen van een maritiem officier? Hoe is het om te leven in een kleine gemeenschap op een eiland? Met die vragen trokken we naar Terschelling. Daar bevindt zich zoals bekend één van de vier Nederlandse HBO-instellingen voor scheepvaartonderwijs. We spraken met studenten, leraren, schoolleiders en oud-leerlingen. Deze reportage is eerder gepubliceerd in Weekblad Schuttevaer en later nog eens in de Harlinger Courant.

Maritiem Instituut Willem Barentsz te West-Terschelling.

In de aanloop van het werkbezoek blijkt al direct dat een eiland logistieke problemen met zich meebrengt. De termijn is te kort om direct tot goede afspraken met het instituut te komen. ‘Kom maar gewoon naar het eiland’, had de secretaris van de studentenvereniging gezegd. ‘Meestal vind je hordes studenten naast het schoolgebouw.’ Eenmaal aangekomen krijgen we de juiste mensen te spreken.
Zoals enkele net-afgestudeerde heren. Eerder dit jaar voltooiden Jouke Bruggeling en Emile Persenaire hun studie aan Maritiem Instituut Willem Barentsz; nu zijn ze terug voor een vijfdaagse cursus ‘High Voltage’. ‘Nou ja, terug?’ zegt Bruggeling, ‘ik hoef niet ver te gaan. Oorspronkelijk kom ik uit Dokkum, maar het beviel me hier zó goed dat ik op Terschelling ben blijven wonen. Het is hier mooi en het is gezellig. Ik ben erg blij dat ik voor deze opleiding heb gekozen. De situering op dit eiland biedt echt meerwaarde. De studenten die je hier tegenkomt zitten allemaal op dezelfde opleiding. Iedereen weet waar je het over hebt en dat maakt het makkelijk om elkaar te helpen bij de studie. Momenteel ben ik aan het werk als wrakkenvisser, voor een Terschellinger rederij. We varen naar allerlei locaties, waaronder Schotland en de Ierse Zee.’

Als eerstejaars direct al voorzitter: Metin Kranda.

Ook Persenaire heeft geen spijt van zijn keuze voor Terschelling. ‘Ik ben opgegroeid in Workum en heb altijd iets met bootjes gehad. Met de twee jaren intern wonen en verplichte uniformen had ik geen moeite. Het is een mooie traditie en Willem Barentsz onderscheidt zich er als enige mee. In een uniform is iedereen gelijk. Deze aanvullende cursus vergroot mijn kansen op de arbeidsmarkt, daarom ben ik nu weer even hier.’
Max ter Mors is net als de andere twee nog maar kort geleden afgestudeerd en volgt net als zij de cursus High Voltage. Hij ging de liefde achterna en woont intussen op Texel. ‘De leraren roeien net als wij op de wedstrijdsloepen. Zo kom je heel dichtbij elkaar. De docenten zijn vaak studenten die zijn blijven hangen. Deze week logeer ik bij een vriend hier. Inderdaad, hier maak je vrienden voor het leven. En heel grappig: op elke boot waarop je gaat varen kom je wel iemand van Terschelling tegen!’

Gert Cupido: ‘Voor de eilander gemeenschap is de school heel erg belangrijk.’

Gebombardeerd tot voorzitter

Metin Kranda (21) is voorzitter van de studentenvereniging. ‘Ieder jaar wordt de functie overgedragen op een nieuwe eerstejaars. Al bij de ontgroening in de introductieweek nam men me hiervoor op de korrel. Het is leuk en verantwoordelijk om voorzitter te mogen zijn. Ik heb een dubbele nationaliteit. In Turkije heb ik op MBO-niveau de zeevaartschool gedaan. Ik wilde dichter bij mijn moeder zijn, die een vakantiehuisje heeft op Terschelling. Hier heb ik een meeloopdag gevolgd en ik was meteen verkocht. De sfeer, de natuur, de zee. Nee hoor, ik mis Istanbul helemaal niet. Het is gezellig op dit eiland. Kroegjes genoeg!’
Gert Cupido komt beleefd vragen wat de bedoeling is. Een onbekend verslaggeversteam, dat onaangekondigd interviews afneemt op eigen terrein van de school, kan dat wel? Een goed gesprek met Cupido en Frans Papp, hoofd van het simulatorcentrum brengt klaarheid. Daarna krijgen we alle medewerking. Cupido heeft wortels op Terschelling, zoals zijn naam al doet vermoeden, maar werkte 38 jaar bij Philips in Eindhoven. ‘Mijn vader studeerde hier ooit aan de Zeevaartschool. Zelf volgde ik een opleiding als maatschappelijk werker. Ik kwam terug naar Terschelling om bij het AZC hier te werken. Later werd ik op verzoek van directeur Gerrit van Leunen bootsman op de Prinses Margriet, totdat dit opleidingsschip verkocht werd. Nu werk ik als praktijkassistent voor het instituut. Daarnaast doe ik PR-werk, stukjes schrijven, fotografie.’

Geborgenheid

Cupido kan aangeven waarom studenten kiezen voor Terschelling. ‘Dit is een kleinschalige wereld en het instituut heeft een zeer goede naam. Het onderscheidt zich door de uniformplicht, de geborgenheid en de saamhorigheid die een eilandbestaan biedt. Bovendien is het Maritiem Instituut door het ministerie aangewezen als exclusieftrainingscentrum voor de maritieme simulator. Alle HBO’ers en MBO’ers in het Nederlandse scheepvaartonderwijs volgen verplicht tweemaal een week simulatortrainingen. Dat levert hen zestig vaardagen op, wat betekent dat ze daarnaast nog maar tien maanden vaarervaring in de praktijk hoeven op te doen.’
‘We ontvangen dit jaar zo’n 1250 cursisten voor de simulator’, verwacht Frans Papp. “Wat betreft de carrièreperspectieven: natuurlijk is er verschil tussen MBO en HBO, maar in de zeevaart is er genoeg werk voor iedereen. Bepaalde functies zijn voorbehouden aan HBO’ers, dat wel. De rederijen hebben ook zo hun voorkeuren.’
Een voltooide opleiding aan een HBO-instelling voor maritiem onderwijs levert zo goed als gegarandeerd een baan op. Internationaal is er nog steeds een tekort aan scheepvaartofficieren, volgens Cupido. ‘Van de pakweg honderdduizend koopvaardijschepen op de wereld vaart twee procent met Nederlandse officieren. Dat lijkt niet veel, maar ons kikkerlandje heeft een zeer goede naam bij de rederijen.’
Desgevraagd stelde Wietse van der Meij, tweede stuurman van een voor Chemgas varende LPG-tanker: ‘Ik heb een MBO-opleiding tot stuurman gevolgd aan de Maritieme Academie in Harlingen. Mijn stage heb ik bij Chemgas gelopen. Direct na het behalen van mijn diploma trad ik bij hen in dienst. Volgens mij had ik als MBO’er gelijke kansen op deze baan als iemand die een HBO-opleiding heeft gevolgd. Hooguit bij de heel grote rederijen als een Holland-Amerikalijn vraagt men exclusief naar HBO-afgestudeerde maritieme officieren.’
Frans Papp: ‘We zien veel doorstroming van MBO-mensen naar het HBO. Zij volgen hier meestal de verkorte opleiding van 2,5 jaar. Daarnaast zijn wij de enige opleiding waar men kan doorgaan voor een HBO-mastertitel. Twee jaar geleden is deze master van start gegaan.’
Frans Papp heeft zelf zijn opleiding gevolgd op Terschelling. ‘De locatie is uniek. De zee wordt je hier met de paplepel ingegoten.’

Eric Aarten (rechts) ziet uit naar zijn stage bij Wagenborg. De liefde voor de zee kreeg hij mee van zijn zeezeilende ouders. Jelle Ooms gaat naar Jumbo Shipping. ‘Wat voor klus ik daar ga doen weet ik nog niet.

Nadenken over kleding niet meer nodig

In het zogenaamde ‘Nautisch Kwartier’ lunchen de studenten. Schuttevaer sprak er met drie jongedames, die allen de opleiding ‘Ocean Technology’ volgen – een uitgebreide vorm van wat vroeger hydrografie genoemd werd. ‘Wij vinden wiskunde leuk en daarnaast houden we van de grote hoeveelheid praktijkonderwijs die we krijgen’, zei Laura Dijkstra (21) uit Groningen. ‘Deze studie is zeker wat ik me erbij had voorgesteld.’
Hanna Nengerman (18) uit Apeldoorn: ‘De uniforme kleding is even wennen. Het zit ook niet allemaal even lekker. Bedacht door mannen, voor mannen. Maar je hoeft in ieder geval niet na te denken wat je nu weer moet aandoen. Hydrografie heeft mijn grote interesse. Dit is de enige plaats waar je dit kunt volgen op HBO-niveau. Anders hadden we naar België gemoeten.’
Van de circa 500 studenten aan Willem Barentsz is vijf tot tien procent vrouw. ‘Al die mannen om ons heen, niet erg’, vond Anna Lagemans (19) uit Den Helder. ‘Hanna, Laura en ik zijn toch een bepaald type vrouw. Geen tuttebellen en modedametjes, zeg maar. We zijn allemaal een beetjenerderig.’Hanna: ‘Of dat nou de juiste omschrijving is? Het klopt wel een beetje. Nieuwsgierig, bijdehand, koppig, eigenwijs. Zo zijn de jongens hier ook, haha! Natuurlijk, we trekken een beetje naar elkaar toe, maar dat is ook vanwege de studierichting die we volgen.’
Wat betreft het leven op Terschelling. Anna: ‘Het dorp is een beetje dood, vind ik, maar de natuur is prachtig. Veel contact met Teschellingers heb ik niet. Daar kies ik niet voor. Ik heb het druk genoeg met de studie.’ Laura: ‘In de winter voel je je soms geïsoleerd en dan is het wel eens fijn om een lang weekend naar huis te gaan. Maar meestal zitten we wekenlang op het eiland.’
De dames gaan in het derde jaar stagelopen bij grote baggerbedrijven als Van Oord en Boskalis.

Het echte werk

Jelle Ooms (19) uit Gorkum staat een sigaretje te roken met Eric Aarten (19) uit Kampen. Jelle: ‘Ik heb gekozen voor Terschelling omdat deze opleiding het hoogst stond aangeschreven. Het echte werk!’ Eric: ‘Op een dag kreeg ik een mailtje van mijn broer, dat er een open dag was. Ik ben op de veerboot gesprongen en was meteen verkocht. Vooral toen ik het ‘Crystal Palace’ zag, met de oude scheepsmotoren. Dat sprak me aan. Het kleinschalige van de Terschellinger gemeenschap vind ik juist een pluspunt. Heel anders dan in de grote stad. Je bent hier geen nummertje. Je staat als student in nauw contact met elkaar en met de leraren.’ Jelle: ‘En je vindt altijd heel gemakkelijk iemand die je wil helpen als je ergens niet mee verder kunt.’

Tekst en foto’s Gijs en Inge van Hesteren
Eerder gepubliceerd in Schuttevaer en de Harlinger Courant

Leave a Reply