Blauwe stad

Over al Hoceima kan ik niet veel vertellen. Mijn hotel keek uit op de zee, maar het stadscentrum lag op een half uur lopen. Het begon te regenen, dan hoef ik niet zo nodig te wandelen. Laat ik maar genieten van de superdeluxe hotelkamer. Het nadeel van dergelijke sterrenhotels is dat ze zo onpersoonlijk zijn. Vrienden maak je in de kleine pensions, niet in de grote hotels. Ik neem me voor om de volgende overnachtingen anders te boeken.
De tocht gaat verder langs de kustweg, naar het noordwesten, richting Tetouan. Een route die Anouar me heeft aanbevolen. En terecht, wat een prachtige weg is dat, met uitzicht op de blauwe Méditerranée, op witte stadjes in het dal en halverwege een bezoek aan Anouars favoriete visrestaurant, Vista Mar, vlakbij Al Jebha. De dagverse visjes, die je zelf mag aanwijzen in de vitrine, zijn erg lekker. De weg zelf: een soort circuit van Gedinne, omhoog, omlaag, links, rechts, maar dan met beter wegdek dan wat ze in Wallonië neergelegd hebben. Een feestje voor een motorrijder.

Aan het einde van de dag arriveer ik niet in Tetouan, daar ben ik immers 45 jaar geleden al eens geweest, maar in Chefchouen, de beroemde blauwe stad. Over het algemeen probeer ik de toeristische trekpleisters te mijden, maar nu ik toch in de buurt ben… In mijn Hotel Dar Saraya word ik als een oude vriend onthaald. De ene broer spreekt vloeiend Engels en dat is handig. De andere broer verstaat alleen Marokkaans Arabisch, nee voor mij niet handig, maar op het platte dak van het hotel schenkt hij heel hartelijk kopjes mierzoete thee.

Later, als ik thuis door oude foto’s blader, ontdek ik dat Inge en ik wel degelijk in Chefchouen geweest zijn in 1980. De bovenstaande foto bewijst het.
Bij de Chinees
Mijn hotel is ook blauw, maar serveert geen avondmaaltijden. Het diner geniet ik aan de overkant van de straat, bij een Chinees restaurant. De helwit verlichte eetzaal deel ik met een gezelschap dat duidelijk ook Chinese roots heeft. Ze zijn nogal lawaaiig, want één van hen is jarig. Hun verjaardagstaart is zó groot, dat ze mij ook een stuk komen brengen. Dat hou ik apart als dessert.

Terwijl de verjaardagsparty het pand verlaat serveert men mijn hoofdgerecht: gebakken mie met bief en groenten. Een en ander drijft in de olie, niet goed voor mijn bloedvaten, maar het is prima te eten. Een nieuwe groep Chinese allochtonen dient zich aan. Ze zijn met hun 36’en en maken samen nog veel meer gezellige herrie dan hun voorgangers. Of ik een tafeltje wil opschuiven, vraagt het management hoopvol. Dat doe ik natuurlijk. Zelf mag ik niks dragen, dat doen zij voor me. Bonuspunten!

Chefchouen: heel mooi die blauwe stad, maar bevestiging van mijn gevoel over toeristische attracties. Men ziet de toeristen als wandelende portemonnees. Ik heb er begrip voor, het is inkomen voor de locals. Toch houd ik er niet van dat men mij voortdurend aanspreekt. Of ik al een appartement heb voor de nacht, of ik naar hun restaurant wil komen, of ik een vloerkleed wil kopen, of ze de weg moeten wijzen. Of ik de gids niet meer wil geven dan twintig euro, hun oma is immers blut.
Het wordt een lange nacht. Ik slaap een gat in de ochtend, want ik heb een binnenkamer zonder ramen naar de buitenkant. Maar eenmaal wakker en na een goed ontbijt smeer ik hem. Ik ben tenslotte niet in dit land om te sightseeën, maar om te motorrijden. Als vriend word ik uitgezwaaid. Ik beloof nog eens terug te komen als ik in de buurt ben. De volgende etappe voert van Chefchouen via Fes naar Azrou.
Wordt vervolgd
Over Dar Syraya schreef ik een recensie voor Booking en voor Google Maps.
Fantastic! Very welcoming, very authentic, very clean. A nice open terrace on the roof. I recommend this Dar. Small point, which of course is inherent to the concept: the small, but very clean room had no daylight window. The rooms are situated around a gallery, with central lighting from a window in the roof above.
Geweldig
We reizen met je mee, en dromen over Marokko, ik lees voor en Wietske eet een croissant, jij weet waar, rij doorrrrr, Marian.