Marokko (9)

Gevallen

Tweeduizend kilometer lieten de wielen van de Enfield de afgelopen zeven dagen onder zich voorbijrollen. Goed opletten en defensief rijden leverden tot nu toe een incidentvrije reis op. Het noodlot moest een keer toeslaan en dat deed het ook, vanmiddag. Maar ik ben een geluksvogel. Ja, ik ben gevallen, dat is het minder goede nieuws.

Het goede nieuws: het gebeurde niet op de motor, maar te voet, met drie kilometer per uur ongeveer. Op het ineens spekgladde trottoir voor de deur van mijn hotel van vandaag. Ooit leerde ik valbreken, tijdens de blauwe maandag dat ik als twaalfjarige aan judo deed (witte band). Daardoor bleef het bij vloeken, lichte egoschade, een nat achterwerk en een verdraaide knie die zich een paar uur later nog steeds liet voelen. Ziezo, de pech ook weer achter de rug.

Regengordijnen in grauw ochtendlicht.

Terug naar het begin van de dag. Het koude Tazekka Parc Hotel. Om een uur of zeven steek ik mijn neus boven de dubbele dekens uit. Langzaam wordt het lichter buiten. Bibberend naar het ontbijt. Dat is prima, niks mis mee. In het grauwe ochtendlicht drijven regengordijnen langs de ramen. Het weerbericht voorspelt meer van hetzelfde voor de rest van de dag. Dat van El Hoceima, een paar uur rijden verderop, klinkt heel wat beter: droog en 21 graden. Wegwezen hier, denk ik. Op mijn kamer trek ik mijn motorkleding en regenpak alvast aan.

Vriendelijk rekenik af met de hotelbeheerder. Terwijl ik de bagage in de motorkoffers aan het opbergen ben rent de goede man, nu zonder jas, dwars door de plensregen naar me toe. Kabeltje en lader! Die lagen nog op de kamer. Mijn brein is zover afgekoeld dat ik van alles begin te vergeten. Het hotel vind ik stom, maar aan de mensen zal het niet liggen.

Afdalen van de hoge berg. Met elke tien haarspeldbochten stijgt de temperatuur met één graad, van zes graden in het begin tot dertien beneden in de stad Taza. Daar stopt ook de regen zo zoetjesaan. Dat is goed nieuws, want ik begin te verdwalen. Uit bescherming tegen de nattigheid heb ik mijn telefoon met navigatie van Google Maps onder het doorzichtige plastic venster van de tanktas gestopt. Dat werkt natuurlijk niet. Het vochtig plakkerige plastic raakt het aanraakscherm en floep, weg is de navigatie. En dat tot drie keer toe. Weer vloeken.

Thalassa, de zee!

Rifgebergte

Taza is een mooie plaats. Het gaat goed volgens mij. Het noorden is echt veel welvarender dan het zuiden. Ik geniet nog steeds. Wat een land!

Het is bijna droog geworden. Zo’n Samsung wordt geacht waterdicht te zijn, dus ik waag het er maar op. Ik monteer hem weer in het houdertje op het stuur. Zo kan ik er tenminste makkelijk bij als een verdwaalde regendruppel de navigatie in de war stuurt. Vanaf dat moment verloopt de passage door de stad voorspoedig. Niet veel later kom ik op de buitenweg en die valt niet tegen.

Honderdtachtig kilometers slingert de vierbaansweg naar de kust, over drie ruggen en drie passen van het Rifgebergte. Perfect vlak asfalt en om de honderd meter een snelle vloeiende bocht. Naarmate het wegdek opdroogt steken mijn wegrace-instincten de kop op en gaat het steeds sneller. Bij de laatste hoge pas iets blauws aan de horizon: de Middellandse Zee. Thalassa! Een welkom uitzicht na al die droge woestijnkilometers.

Al aan het begin van de middag arriveer ik bij mijn hotel, dat de ronkende naam Mira Palace voert. Dit hotel is een tikje deftiger dan dat waaraan ik de afgelopen dagen gewend ben geraakt. Een vijfsterrentent. Die heb ik wel verdiend, vind ik, na alle ontberingen. Ook de sterren zijn verdiend hoor, het hotel en mijn kamer zijn prachtig en lekker warm! De kosten bedragen een fractie van wat ze in Nederland zouden zijn. Vanuit mijn kamer kijk ik uit over de zee; die trakteert mij op een prachtige zonsondergang.

Misschien had ik in één van de eerdere blogs nog moeten vertellen over de kudde kamelen die ik midden op de weg tegenkwam. Ik kon ze nog net ontwijken. Had ik maar een foto gemaakt, maar daar dacht ik toen niet aan. Eigenlijk zou ik moeten terugkeren. Maar ja, dat is een omweg van 500 kilometer, daar heb ik nu geen zin meer in. En jullie weten heus wel hoe een kameel eruit ziet. Bovendien waren het dromedarissen.

Wordt vervolgd

Voor Booking en Google Maps schreef ik een recensie over Tazekka Parc Hotel in Bab Boudir:

Warme ontvangst, kille kamer.
Pluspunten · De ligging hoog in het gebergte was prachtig. Het hotel zelf was schoon en netjes. De ontvangst heel vriendelijk.

Minpunt · Ik kwam met de motorfiets, het had hard geregend. Maar de verwarming mocht niet aan, al was het buiten maar 6 graden. Binnen was het niet veel warmer. De beheerder zat met zijn jas aan bij de receptie. De douche had geen warm water. Ik heb het de hele avond koud gehad.

3 gedachten over “Marokko (9)

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *