Marokko (8)

Naar het noorden

Dit verslag schrijf ik in een nogal kille kamer, in Hotel Parc Tazekka in Bab Boudir. Geen wonder dat het koud is. Buiten is het nevelig en nat. Dit hotel ligt op 1500 meter hoogte. Ik heb het bereikt vanuit de stad Taza, met behulp van honderd haarspeldbochten.

Bij het reserveren had ik niet goed genoeg opgelet. Anders had ik wel gezien dat dit hotel op een berg lag, in het beschermde natuurgebied Parc National Jebl Tazekka. Niet dat het erg is, maar ja, het regent. Hier zie ik zelfs bomen, veel zelfs. De omgeving doet eerder denken aan de Pyreneeën of de Auvergne. Wat heb ik hier te zoeken? Waarom ben ik vanuit het warme zuiden noordwaarts gereden?

Waarom?

Eén reden: in Taza liggen de roots van mijn vriend Anouar, die me zoveel tips over Marokko heeft gegeven en die me zo’n mooie route heeft aanbevolen. Als ik in de buurt ben moet ik hem op zijn minst mijn indrukken kunnen geven.

Nóg een reden: ik wilde een lange motordag met veel kilometers onder de wielen. Dat is gelukt, de dagteller zegt 620 km. Niet gek, in netto 7,5 rij-uren. Eindeloze, lange en veelal rechte wegen. Negentig tot honderd op de snelheidsmeter. Links als een bruinrode muur de Atlas-bergketen, rechts in geel en oudroze de woestijn. De weg een zwart lint door bruin en geel zand en gesteente. Hier en daar een bak koffie of kamelen.

En de derde reden: Anouar’s route leidt me naar de Middellandse Zee. Daar lokken de kustweg, Tetouan, Chefchouen, Ouezzane. Daar hebben Inge en ik 45 jaar geleden gereden met onze Matchless-Steib zijspancombinatie. Ik schreef erover in mijn boek Rijden met Gijs. Het weer slaat om morgen, volgens het weerbericht komt er meer regen, niet alleen hier op deze bergwegen, maar in de hele regio. Kan me niet schelen. Dat traject wil ik erbij hebben.

Kachel blijft uit

Mijn hotel lijkt problemen te hebben, misschien financiële. Ik ben de enige gast. Buiten is het koud, maar binnen ook. De hotelbaas zit met zijn jas aan bij de receptie. Wanneer ik de douche wil gebruiken, vraagt hij, vanavond of morgenochtend? Morgen? Mooi, zegt hij tevreden, dan hoeft de boiler nu niet aan. Van mij mag de verwarming wél aan. Nee hoor, daarvoor vindt hij het niet koud genoeg. Okee, dan kruip ik maar onder de dekens.

Waren er nog andere opmerkelijke voorvallen? Ja, mijn telefoon. Ineens waait hij uit het houdertje. Dat had ik niet strak genoeg aangedraaid. Ik vang hem nog net op, hij zit klem tussen de tank en mijn knie. Ik rem hard en dan valt hij alsnog op de weg. Nondeju. Ik parkeer de motor en draaf een stukje terug. Gelukkig, hij is niet kapot.

Het landschap is fan.tas.tisch. Dat kan ik niet vaak genoeg herhalen. Ruige natuur, heerlijke wegen, aardige mensen, lekker motorfietsje. Af en toe een tankstation, een dorpje. Dat is het.

Verder niks bijzonders beleefd.

Wordt vervolgd

2 gedachten over “Marokko (8)

  1. Goedenavond, Gijs, wat heb je al ontzettend veel gezien en beleefd in zo’n korte tijd.
    We vinden het gezellig met een koffietje je verhalen te lezen.
    Ik zit dan achter de laptop in mijn voorkamer en Wietske zit thuis terwijl ik haar voorlees!
    Vanwege de bursitis kan ik nog niet op stap en vind ik het reuze rustig zo. Aan jouw entertainment vanuit Marokko kan geen uitje tegenop. Wij hoeven er niet uit en genieten van de beelden die je oproept. En jouw herinneringen aan jullie gezamenlijke reis zoveel jaren geleden. Bijzonder nostalgisch ook. Nog fijne reis, we volgen je! Marian en Wietske.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *