Tag Archives: bruine vloot

Thema-onderzoek ILT naar zeilende passagiersschepen

WEST-TERSCHELLING – Verscheidene overheidsinstanties bundelden eind juni hun krachten voor een uitgebreide controle in de haven van Terschelling. In het kader van een thema-actie maakte wandelende reglementen-encyclopedie Thom Bijkersma van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) een ronde langs de rijendik aangemeerde slaapschepen. In totaal bezochten de inspecteurs tien historische zeilende hotelschepen en twee recreatieschepen.

Na inspectie van de papieren maakt inspecteur Thom Bijkersma (rechts) een ronde over het schip, samen met Beer van der Heide van de Landelijke Eenheid en schipper Erik van Aken. (Foto: Gijs van Hesteren)
Na inspectie van de papieren maakt inspecteur Thom Bijkersma (rechts) een ronde over het schip, samen met Beer van der Heide van de Landelijke Eenheid en schipper Erik van Aken. (Foto: Gijs van Hesteren)

Schipper-eigenaar Erik van Aken van het ‘Wapen fan Fryslân’ staat er ontspannen bij, informeel gekleed in spijkerbroek en T-shirt. ‘Nee hoor, voor zo’n inspectie ben ik niet bang. Veiligheid hoort erbij. Er waren toch wel enkele verrassingen, De inspecteur van ILT vond wat kleine dingetjes die ik makkelijk kan verhelpen.’  Continue reading Thema-onderzoek ILT naar zeilende passagiersschepen

Nieuw vlak voor Zeeuwse klipper

‘We moesten serieus proberen het schip te behouden voor de vaart’

HARLINGEN/GOES – De Zeeuwse museale tweemastklipper Avontuur was toe aan groot onderhoud. Héél groot onderhoud zelfs. Voor de refit koos de Stichting Zeeuwse klipper Avontuur voor een werf in Harlingen. Dat lijkt op het eerste gezicht niet zo’n voor de hand liggende keuze. Stichtingsvoorzitter Peter Bilterijst legt het uit.

De Avontuur bij SRF. Men zal zo beginnen met de digitale scans. (Foto’s Gijs van Hesteren)
De Avontuur bij SRF. Men zal zo beginnen met de digitale scans. (Foto’s Gijs van Hesteren)

De stichting beheert Zeeuws maritiem erfgoed in de vorm van de Avontuur, een typisch Zeeuwse klipper. In 1983 redden Guus van Hecke en Rien van Boven het schip van de slopershamer, om de betekenis en de geschiedenis van de zeilende binnenvaart niet verloren te laten gaan. ‘12.000 gulden betaalden zij ervoor. De stichting is voor de restauratie bij heel veel oude schippers te rade gegaan’, zegt Peter Bilterijst. ‘Het schip is gebouwd voor wat we hier de Zuidwesthoek noemen, de grote Zeeuwse wateren.  Continue reading Nieuw vlak voor Zeeuwse klipper

Internetplatform zeilklippers.nl na zeventien jaar springlevend

Voorzitter Jaap Klok: ‘Een snelle, overzichtelijke site die zorgt voor doorverwijzing naar de schippers.’

Hoe schippers van zeilklippers al vroeg de kansen van internet zagen

MONNICKENDAM – Het was in januari 2001 dat een zevental schippers besloot tot het oprichten van een marketingplatform: ‘zeilklippers.nl’. Alle zeven waren zij zelfstandig actief in de zeilchartervaart. Zelfstandig? Ja, in de betekenis van ‘onafhankelijk van de boekingskantoren’, destijds nog oppermachtig. Samen staan we sterk, was hun motto. Zeventien jaar gingen voorbij. Het collectief bestaat nog steeds en groeide gestaag, naar 38 schepen. Begin maart maakte de vereniging ‘zeilklippers.nl’ de balans op en Schuttevaer was erbij.

In het begin van de 21e eeuw was het internet sterk in opkomst. ‘Booming’, in de woorden van de Jaap Klok, de huidige voorzitter. De initiatiefnemers van destijds waren Alfred Vellekoop, Bob Bel, Hans Venema, Jan van Aartrijk, Koos Oudhuis, Sacha Emmerik en de auteur van dit artikel, Gijs van Hesteren. Allemaal beschikten zij op dat moment al over een goed functionerende website. Zeilklippers.nl werd hun gezamenlijke toegangspoort naar het internet. De eisen aan de sites van de nieuwe toetreders: zelf de boekingen afhandelen, geen weblinks naar boekingskantoren, wél links naar collega-schepen en naar zeilklippers.nl.

Xandra Ockers: ‘Met elkaar ben je sterker dan in je eentje.’

Continue reading Internetplatform zeilklippers.nl na zeventien jaar springlevend

Domweg gelukkig met tjalkjacht De Vriendschap

HARLINGEN – ‘We willen beslist een mooi product neerzetten’, zeggen Yteke Hiddema en Remco Timmermans, beiden 60 jaar. In de zomer zeilen ze vanuit Enkhuizen, de boekingen verricht Holland Sail (Yteke is er secretaris) en overwinteren doen ze in Dokkum. Hoe een schip met accommodatie voor slechts 14 passagiers toch een winstgevend bedrijf kan zijn.

Het tweetal is blij met elkaar, en met de werf. ‘We krijgen hier bij SRF niet alleen een nieuwe mast, maar ook alle beslag vernieuwen ze voor ons en alle blokken worden vervangen.’ (Foto: Gijs van Hesteren)
Het tweetal is blij met elkaar, en met de werf. ‘We krijgen hier bij SRF niet alleen een nieuwe mast, maar ook alle beslag vernieuwen ze voor ons en alle blokken worden vervangen.’ (Foto: Gijs van Hesteren)

Een leuk stel samen, die Yteke en Remco. Niet meer piepjong, maar goed in hun vel, blij met elkaar en ze weten wat ze willen. Yteke Hiddema is vrolijk en bijdehand, Remco Timmermans open en hartelijk. Ze voelen zich duidelijk thuis op hun oude tjalk. Geen oud lor, welteverstaan. Meer een jacht in de manier waarop ze het schip hebben afgewerkt. Overal prachtig schrijnwerk, geen spatje roest en een interieur om door een ringetje te halen.  Continue reading Domweg gelukkig met tjalkjacht De Vriendschap

De troubadours van de bruine vloot

Dets Laif brengt tweede cd uit

HARLINGEN – Dat Henk Roodbergen – letterlijk – in Friesland verzeild raakte is terug te voeren op een ervaring in de vroege jaren negentig. Het was een weektocht aan boord van de zeiltjalk Courage die hem in aanraking bracht met de bruine vloot. Het was het begin van een liefde die voortduurt tot op de dag van vandaag: voor de oude schepen, voor de schippers en hun maatjes, voor het Wad en uiteindelijk voor Era Copier, die intussen haar leven met hem deelt en de helft is van het folkduo Dets Laif.

Als Era (links) niet zingt en speelt, draagt zij gedichten voor. Over het wad natuurlijk. ‘Stap-glup; stap-glup.’  Foto: Gijs van Hesteren

Door Gijs van Hesteren
Dit artikel verscheen eind mei 2017 in gedrukte vorm in de Harlinger Courant

Van begin tot eind bezingen Henk Roodbergen en Era Copier het varen met de schepen van de historische zeilvloot. De Waddenzee is daarbij heel belangrijk, evenals de havenkroegjes van Harlingen, Vlieland en Terschelling. Niet voor niets heet de nieuwe cd ‘Overal is Wad’. Era zegt daarover: ‘Een woordspeling op ‘wat’ en ‘wad’ die al heel veel gebruikt is. We konden de verleiding gewoonweg niet weerstaan.’

Henk en Era hebben te stellen met nog veel meer verleidingen, getuige hun liedteksten. ‘Baggerzooi’ geniet hun sterke voorkeur, ‘Liefde op Terschelling’ is één van hun liedjes en bij het liedje ‘Tessel’ blijft het van begin tot eind onduidelijk of het nu gaat om het eiland of tóch om een vrouwspersoon.  Continue reading De troubadours van de bruine vloot

Noordwestpassage: zeilend bovenlangs Canada

HARLINGEN – Begin jaren negentig was Heine van der Molen de jongste schipper van de Harlinger zeilchartervloot. Hij voer als kapitein op zeilschepen in de Oostzee en was schipper-eigenaar van onder meer de klipper Risico en de schoener Store Baelt. In de krappe Nederlandse kustwateren heeft hij het wel gezien. Hij kocht een opgelegde tweemastschoener en heeft daar grote plannen mee. Dankzij de klimaatverandering is het ineens mogelijk via de Poolzee naar de Stille Oceaan te zeilen. Maar eerst de grootste kosten terugverdienen.

Tekst en foto’s Gijs en Inge van Hesteren Continue reading Noordwestpassage: zeilend bovenlangs Canada

Een ‘slashie’ in Harlingen

HARLINGEN – Wie weet roept men het eind 2016 uit tot woord van het jaar: ‘slashie’. In de zomer van 2015 stak de term in het Angelsaksische taalgebied de kop op in The Huffington Post. Een slashie is iemand met twee of meer bezigheden, naar de schuine streep die de beroepen/liefhebberijen van elkaar scheidt. In deze tijd van ZZP’ers kom je ze steeds vaker tegen, ook aan de randen van de Waddenzee. Een bezoek aan Dolf Siere, schipper/ondernemer/maritiem illustrator/ijzerwerker.

Dolf Siere a.b. van 'De Hoop op Welvaart' 062bs 1024t
Dolf Siere, ‘slash’ schipper aan het roer.

Tekst en foto’s Gijs en Inge van Hesteren Continue reading Een ‘slashie’ in Harlingen

Chartervloot: wisselende meningen over Tall Ships Races

Een bericht dat op 15 augustus 2014 verscheen in de Harlinger Courant

HARLINGEN – Tijdens de Tall Ships Races waren er veel Harlingers die zich afvroegen waar de schepen van de Harlinger chartervloot gebleven waren. HC deed navraag bij gemeente, schippers en organisatie. Dit leverde uiteenlopende reacties op. De schippers vonden het een prachtig evenement, al vonden sommigen het vervelend dat zij dat weekend niet welkom waren in de eigen thuishaven. Kanttekeningen hadden zij allemaal. Gemeente en organisatie zijn zich van geen kwaad bewust.

Tekst en foto’s: © Festina Lente, Gijs en Inge van Hesteren

Allereerst de gemeente Harlingen, die weliswaar niet de directe organisator was van de Tall Ships Races, maar wel een grote rol speelde als de grote aanjager. Burgemeester Roel Sluiter stelt in zijn mail aan de HC: “Het evenement was gericht op de Tall Ships, grote schepen die met de races naar vier verschillende steden meededen. Getracht is tijdens dit evenement ook andere schepen, zoals de bruine vloot en de zonneboten een plek te geven, maar de nadruk lag op de aan de wedstrijd deelnemende schepen. Vanaf het eerste moment heeft de stichting Harlingen Sail samen met de bruine vloot gekeken of zij ook plek konden krijgen in het evenement en op welke manier. Verschillende schippers van de bruine vloot gaven vanaf het begin of tijdens de maanden in aanloop aan dat zij al een groep geboekt hadden en dus geen rol behoefden. Zij zijn vanuit een andere haven gaan varen met hun eigen geboekte groep. De bruinevlootschepen die wel graag tijdens The Tall Ships Races een rol wilden, zijn meegenomen in het evenement. Gasten konden vervolgens via de stichting Harlingen Sail vaartochten boeken op deze schepen.”

Oosterschelde

Een duidelijk antwoord. Toch zijn er veel Harlingers die de vertrouwde vloot gemist hebben bij het Sail-schouwspel. We doen navraag bij iemand die kan spreken namens alle zeilschippers in Harlingen, Frans Kochx. Hij is vicevoorzitter van de VBZH, de Vereniging Bruine Zeilvaart Harlingen.

Continue reading Chartervloot: wisselende meningen over Tall Ships Races

Brandarisrace 2009

De Brandarisrace, aan het eind van het zeilseizoen van de zeilende passagiersvaart met historische schepen. Van Harlingen naar Terschelling, al jaren georganiseerd door Herman Brandsma en henk Letsch. Zelf vaak aan meegedaan, als schipper van de Courage, de Zwarte haan, de Zuid-Holland of de Klipper Anna.

Nog steeds mooi om naar te kijken, Ook dit jaar weer een indrukwekkende start vanuit het Kimstergat naar de Pollendam.

Foto: Inge van Hesteren

Update 26 oktober:

Een reactie die binnenkwam op Plaxo Pulse. Het wordt steeds ingewikkelder met al die sociale netwerken op het internet. Als ik een ordelijk persoon zou zijn geweest dan zou ik me helemaal gekgemaakt voelen door de chaos van plekken waar ik mijn berichten en reacties dien te beheren en modereren.

“Gijs, ze staan me nog goed bij deze zeilraces, net als vele andere, zoals de Muider Hardzeildagen, de stront- en de aardappelraces en ga zo maar door.
Ik was altijd weer vereerd als jij en Inge mij uitnodigde om een onderdeel van jouw bemanning te mogen zijn.
Nog maar weer eens dank daarvoor en zo ook voor het weer op mijn netvlies zetten middels dit artikel.”

Wel een leuke reactie natuurlijk. Daar doe je het allemaal voor.

Bruinvisch-avontuur op Ameland

Vroeger kwam ik vaak op de Waddeneilanden, Ameland bijvoorbeeld. Ik was schipper op een tjalk en later een klipper. We voeren met de Duitse scholieren een ontspannen rondje: opkruisen naar Terschelling, de volgende dag over het Terschellinger wantij naar Nes, Ameland. Daarna naar Schiermonnikoog of Lauwersoog. Op donderdag waren de klasgenootjes moegefeest en op het Wadzeilen uitgekeken. Donderdagavond dus naar het café of de disco in Dokkum of Leeuwarden en vrijdag veilig weer in Harlingen, waar de schoolbus stond te wachten.

Cees bedient handles en manettes, terwijl de cilinderkop kersenrood wordt gestookt.

Woensdag was ik weer op Ameland, heel saai, met behulp van de veerdiensten van Wagenborg. Vergaderen met eilanders, over draadloos internet. Dat vind ik ook leuk, maar zo avontuurlijk als vroeger met de zeilschepen is het toch niet. Aan het eind van de middag wandelde ik naar de veerboothaven. In de jachthaven er vlak voor zag ik een bekend mastje met witte top: dat van de tjalk “Bruinvisch”. Ik besloot even een kopje thee of koffie te gaan drinken bij Cees, de illustere schipper van deze meest museale van alle historische bedrijfsvaartuigen die er nog bestaan.

Het is altijd avontuurlijk aan boord bij Cees Dekker. Er gebeurt altijd wel iets onverwachts. Het begon nog heel ontspannen, met kamillethee en het begroeten van Cees, die me altijd als een verloren zoon onthaalt. Ook enkele andere oude bekenden zaten aan dek, zoals Betty, Bart of Carina. Zij maakten het voor mij direct een waardevol bezoek. Allen mee met de Bruinvisch op een teken- en schilderreis over het Wad.

“Cees, het roer staat op de grond en het is nog lang geen laagwater!”, zei Carina, die altijd goed oplet. “Kijk, het schip zakt, het roer niet. Het wordt nu langzaam uit zijn vingerlingen omhoog gedrukt en straks valt het eruit!”

Bruinvisch in de jachthaven van Ameland. Laag water. Zal het roer eraf vallen?

Cees vond het wel meevallen, maar ik zag hem denken. Even later kondigde hij aan dat hij de motor toch maar ging starten. Misschien even een kuiltje onder het achterschip malen met de schroef?

Nu is dat starten geen kattepis. De Kromhoutmotor stamt uit de jaren twintig, moet voorgegloeid worden met een petroleumbrander, op tijd gezet met een tornijzer, aan het draaien gebracht met luchtdruk. Cees is er echter heel goed in en ik zie het hem graag doen.

Stampend, schuddend, rokend en beukend startte de eencilinder. De vlam van de brander wilde niet uit; die speelde dreigend rond allerhande leidingen en buizen in de machinekamer. Cees wist wat hij deed, draaide aan geheimzinnige wieltjes en blies de vlam uit. De schroef woelde intussen het slib onder het schip op. Het roer zakte weer een beetje terug. Maar niet genoeg. Op de kade stond een meute publiek commentaar te geven.

“Misschien moet je de spring wat vieren, dan gaat het schip wat vooruit en krijgt het achterschip dieper water!”, suggereerde Carina. Dat klonk logisch, vond ik, dus ik knikte ijverig mee. Cees vond het goed. Inderdaad, het werkte. Ik mocht meehelpen met het doorhalen van de voorlijn. Met mijn kantoorhandjes haalde ik direct een oud wondje open. Grote droppels bloed over het dek. WC-papier. Pleister niet nodig.

Het schip was weer veilig. Cees en alle bemanningsleden waren opgelucht en gelukkig. De passagiers lieten het allemaal wonderbaarlijk gelaten over zich heen komen, door de wol geverfd als ze waren. Van Cees waren ze wel wat gewend.

De veerboot stond op vertrekken. Nee, ik kon niet blijven eten, hoe gezellig dat ook leek. Het was de laatste boot en de Bruinvisch zou me niet kunnen overzetten. De tjalk lag droog tot het volgende hoogwater.

Altijd weer avontuurlijk, die bruine vloot. Waarom was ik daar ook alweer mee gestopt?