Monthly Archives: juli 2010

Ballonnenspektakel in Joure

Inge belde me, laat in de middag. “Toen ik van het skûtsjesilen bij Terhorne op weg was naar huis, kwam ik langs het terrein van de Ballonfeesten in Joure. Ik ben even gaan kijken en het is leuk hier! Kom je ook?”
Ik zat in de auto, net op weg naar huis vanuit Dokkum. Even kijken bij de Ballonfeesten? Waarom niet? Op de autoradio hoorde ik van lange files rond Joure, dus ik besloot binnendoor te rijden. Onderweg pikte ik brood, paling, gruyèrekaas en tzatziki op bij de Poiesz in Akkrum.

© Gijs van Hesteren

Wat een drukte daar ik Joure. De entreeprijs was maar vijf euro, dus daar lag het niet aan. Lang wachten moest het publiek wel. Start om zeven uur, had het programma gezegd. Dat ging niet lukken. “Er staat teveel wind om op te stijgen. Om kwart over acht kijken we nog even’, zei de omroeper.

Leuk, zo’n ballonfeest. Voorlopig lagen ze allemaal plat op de grond, die heteluchtballonnen. Ach, we aten eerst het picknickpakket even op. Het was een zwamneus, die commentator, maar rond kwart voor negen kwam er goed nieuws: “Over een paar minuten komt de lichtkogel, die geeft de start aan van ’t feest!”

© Gijs van Hesteren

Groepjes mannen met gespannen gezichten begonnen koortsachtig door elkaar heen te lopen, gemotoriseerde ventilators werden gestart, metershoge gasvlammen schoten de mannen in de openingen van hun ballonnen, die niet in brand vlogen. Gek eigenlijk.

Héhé, de ballonnen gingen omhoog. Een grandioos spektakel. Enorme lappen stof, rare dierenfiguren, ze zaten elkaar in de weg. Het leek een enorme chaos. Ergens op de achtergrond regelde vast en zeker iemand het vliegverkeer. Of nee, van vliegen was geen sprake, ballonnen varen.

© Gijs van Hesteren

Honderzevenentwintig van die dingen gingen binnen drie kwartier de lucht in.  Ik kwam ogen tekort. De batterij van mijn Lumix redde het ook maar net.
Een beetje ‘n puinhoop was het naderhand op de parkeerplaats. Een paar duizend automobilisten hadden hetzelfde idee als ik. Naar huis.  Pas om kwart over elf was ik daar, nog even een beetje chillen… bleek ‘t opeens krankzinnig laat te zijn. #@! Morgen weer vroeg dag.

© Gijs van Hesteren

© Gijs van Hesteren

Het publiek oh’de en ah’de. 

Toch leuk, als je zo vaak gebeld wordt door je vrouw, met goeie ideeën.

Meer foto’s die ik maakte van de Ballonfeesten
Filmpjes heb ik ook gemaakt, maar die moeten nog even van het kaartje af.

Honderden toeristen gebruiken draadloos netwerk

Goed nieuws uit Dokkum

En dan nu even wat goed nieuws over Beleef Dokkum 3D Online.  Sinds het netwerk en het portal online gingen, hebben er meer dan vijfendertighonderd bezoekers ingelogd via de draadloze hotspots in Dokkum. Dat zijn er veel meer dan we hadden durven hopen. Vooral sinds het begin van het toeristische seizoen nam het bezoekersaantal sterk toe. De cijfers bevestigen wat wij bij aanvang van het project hadden gehoopt. We veronderstelden dat gratis toegang tot het internet de drempel tot de hotspots zou verlagen. Dat is uitgekomen. 

In de grafiek hieronder heb ik de cijfers voor juni en juli eruit gelicht.

Grafiek van bezoekers draadloos netwerk Dokkum. © Kabel Noord 2010

Grafiek van bezoekers draadloos netwerk Dokkum. © Kabel Noord 2010

De volgende vraag die we onszelf stellen: Wat vinden al deze inloggers van de internetsite die zij nolens volens krijgen voorgeschoteld en wat doen zij met de informatie? We hebben geprobeerd deze zogenaamde pushpagina of landingspagina informatief en interessant te maken, zonder irritant te worden. 

Volgende week neemt Marja Verbeek, stagiaire bij Kabel Noord, een enquète af bij bezoekers van het Friese stadje.  Daarna weten we meer!

Meer over Beleef Dokkum en aanverwante onderwerpen


 

Logo Europese Unie  

 

Samenwerkingsverband Noord-Nederland

Het project Beleef Dokkum 3D Online wordt medegefinancierd door het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en de Provincie Fryslân


Driedimensionaal en virtueel

Moet het anders in virtueel Dokkum?

 

In mijn vorige blog klaagde ik over de minder positieve reacties op de virtuele 3D-binnenstad, die we hebben laten bouwen voor het project Beleef Dokkum. Onmiddellijk kwam er commentaar.

 

Timo Mank schreef me: "Wat voegt dit toe aan Beleef Dokkum? Het voelt aan als een verlaten Sim!"

Een ‘Sim’ is een gesimuleerde wereld. Multimediakunstenaar Mank is een alom erkende expert op het gebied van Second Life en aanverwante driedimensionale virtuele werelden, die zich juist kenmerken door een drukke, virtuele lokale bevolking. Zijn opmerking zet me opnieuw aan het denken. Wat willen wij zien in een simulatie van de werkelijkheid? De werkelijkheid zelf? Een interpretatie? Een wereld mét of zonder bevolking? 

 

En de ondernemer die me schreef: "Wat een bedroevend beeld", voegde er na een reactie mijnerzijds aan toe: "Misschien gebruikte ik harde woorden, maar ik kijk vanuit de consument. Het kan altijd beter, en dat jullie er alles aan doen begrijp ik. Maar ik bekeek het en kon het niet laten om een reactie te geven. Dat doe ik als het goed is, maar ook als het beter kan, c.q. moet."

 

We nemen het ter harte. Nogmaals, niets geprobeerd is niets gecreëerd. Tijdens de Dag van de Toerist peilen we aanstaande zaterdag de reacties van de consumenten!

 
Zie ook "Plattelandsinnovatie gaat niet over rozen".

Meer over Beleef Dokkum en aanverwante onderwerpen


 

Logo Europese Unie  

 

Samenwerkingsverband Noord-Nederland

Het project Beleef Dokkum 3D Online wordt medegefinancierd door het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en de Provincie Fryslân


Plattelandsinnovatie gaat niet over rozen

3D-omgeving nog geen onverdeeld succes 

 

We hebben intussen in Dokkum een heel goed werkend draadloos netwerk en toeristisch bezoekersportal. Er is nóg een onderdeel. Nog steeds krijgen we daar commentaar op: de kwaliteit van de driedimensionale virtuele wereld van Beleef Dokkum. Niet iedereen vindt die geslaagd. Sommige issues hebben we al kunnen verhelpen; die hoorden bij de kinderziektes die bij elk nieuw systeem horen. Denk hierbij aan een tijdbalk, die de laadtijd aangeeft, aan een tekst die aangeeft hoe je je muis moet bewegen, of een nieuwe foto om een pand op de juiste manier weer te geven.

Andere zaken zijn wat minder gemakkelijk aan te passen. De laadtijd op zichzelf is niet te vermijden. We hebben er met opzet voor gekozen om de driedimensionale omgeving web-based, dus vanaf een centrale server, te laten draaien. Het voorkomt dat bezoekers software moeten downloaden en installeren.

Hoe ‘echt’ moet het zijn?

Een andere oorzaak voor ontevredenheid is het feit, dat de virtuele wereld niet voor honderd procent een exacte kopie is van de echte wereld. Nauwelijks te vermijden, als je werkt met stagiaires en als je vooral ervoor kiest om tijd te steken in functionaliteit, in plaats van in natuurgetrouwheid.  Bovendien: ik vraag me af hoe belangrijk een exacte overeenkomst met de werkelijkheid is. Gaat het niet om een interpretatie van de realiteit en om het openen van nieuwe mogelijkheden om internet te verbinden met detailhandel? 

Maar goed, als het jouw winkel is die niet helemaal correct is weergegeven, kan dat pijnlijk zijn. Eén ondernemer zei daarover: ""Er staat een persoon voor mijn winkel, het is mijn vrouw zelfs!" Hij vond dat daar onverwijld iets aan gedaan moest worden. Intussen is er een fotograaf langs geweest en de nieuwe beelden worden of zijn al verwerkt in de database. 

En een ander stelde: "Wat een bedroevend beeld, complete panden zijn niet te herkennen. Er zijn panden die hebben boven tweemaal zoveel ramen en ook de begane grond lijkt nergens op.  Knip- en plakwerk, persoonlijk vind ik  dit antireclame voor Dokkum."

Een probleem bij elke oplossing

Pas toen het project al lang en breed was opgeleverd door de softwarebouwer, kwamen er – late  – reacties. Alles wat we nu doen, valt buiten de oorspronkelijke opzet en moet apart worden betaald. Dankzij de coulantie van de softwarebouwer vallen de kosten daarvan tot nu toe mee. Neem van mij aan, dat men daar alles heeft gedaan om het 3D-gedeelte van Beleef Dokkum te verbeteren. Neem ook van mij aan, dat het 3D-deel maar een enkel onderdeel is van een veel groter project, dat verder ook bestaat uit dingen als draadloze internettoegang voor toeristen, of een omvangrijke database met ondernemingen, evenementen en aantrekkelijke aspecten van de stad.

Tja, ik vind niet dat dit klinkt als opbouwende kritiek, maar okee, dat mag. Ik teken er wel bij aan, dat de 3D-binnenstad aan de ondernemers is aangereikt, zonder dat zij daar zelf één cent voor hebben hoeven te betalen. En zonder dat zij er ook maar een vin voor hebben hoeven  te verroeren. Toen de problemen aan het licht kwamen, hebben wij de ondernemers van de Breedstraten tijdens hun vergadering uitgenodigd om zo snel mogelijk te komen met een lijst, via hun bestuur. Die lijst is er niet gekomen, ondanks herhaalde verzoeken onzerzijds. Niet van het bestuur, niet van leden van de Winkeliersvereniging, niet van leden vanuit Club65. Desondanks hebben we de bezwaren meegenomen, voor zover wij die kenden. 

Pas toen het project al lang en breed was opgeleverd door de softwarebouwer, kwamen er – late  – reacties. Alles wat we nu doen, valt buiten de oorspronkelijke opzet en moet apart worden betaald. Dankzij de coulantie van de softwarebouwer vallen de kosten daarvan tot nu toe mee. Neem van mij aan, dat men daar alles heeft gedaan om het 3D-gedeelte van Beleef Dokkum te verbeteren. Neem ook van mij aan, dat het 3D-deel maar een enkel onderdeel is van een veel groeter project, dat verder ook bestaat uit dingen als draadloze internettoegang voor toeristen, of een omvangrijke database met ondernemingen, evenementen en aantrekkelijke aspecten van de stad.

Toekomstige doorontwikkeling

In de toekomst voegen wij daar nog QR-codes aan toe, augmented reality voor i-Phones en smartphones, serious gaming en een koppeling met reality-programma’s in de stijl van ‘Wie is de Mol’ of Robinson eiland. We gaan er gewoon mee verder. Als je niets doet krijg je geen kritiek, maar je brengt ook niets tot stand.

Het is jammer, dat op het Friese platteland  – waar ik het stadje Dokkum gemakshalve ook maar even bij reken – altijd eerst gekeken wordt naar de dingen die niet goed zijn. Voor elke oplossing verzint men hier wel een probleem. Het gaat niet goed met de economie. Het platteland krimpt. Men klaagt en moppert heel wat af, maar wanneer je op zoek bent naar dragers van een innovatie, een plan, of een concept is er zelden iemand thuis.

Zie ook vervolg van deze blog in Driedimensionaal en virtueel



 

Logo Europese Unie  

 

Samenwerkingsverband Noord-Nederland

Het project Beleef Dokkum 3D Online wordt medegefinancierd door het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en de Provincie Fryslân


Beleef Dokkum bij Dag van de Toerist

Dokkum. Op 31 juli presenteert "Beleef Dokkum" zich tijdens de Dag van de Toerist, midden in het centrum van Dokkum. Dat doen we vanuit een stand langs de Dijkswal, temidden van vele andere uitingen van het bedrijfsleven. Het is mijn laatste werkdag vóór de zomervakantie. 


Diverse innovatieve zaken zullen we laten zien, waaronder een doorlopende presentatie van het Portal Beleef Dokkum. De features van de website, de webcam op de Grote Breedstraat, de 3D-omgeving, de dagagenda van de Dag van de Toerist, stukjes van de website van Kabel Noord, MediaCT, Eurogroup, Speak, Wentzo. We laten het zien via een groot LCD-scherm, dat bereidwillig ter beschikking wordt gesteld door PTH, een van de innovatieve bedrijven uit Kollumerzwaag.


Verder, op een tweede monitor tonen we een lopende presentatie, met filmpjes, logo’s, teksten, delen van de website, de webcam en materiaal van de hierboven genoemde partners. We geven ook museum- en cultuurclub Markant Friesland de gelegenheid om iets te laten zien. Een webcam is gericht op het straatbeeld direct voor de kraam. Het Surhuisterveense bedrijf Speak laat zien wat er mogelijk is met gezichtsherkenningssoftware.

Ten derde zetten we twee PC’s of laptops neer waarmee passanten zelf kunnen rondnavigeren op Beleef Dokkum. Waarschijnlijk met losse monitors, vanwege de benodigde lichtsterkte. 

De stand gaan we attractief inrichten met PR-dingetjes. We delen flyers uit en posters. 

Meer over het project Beleef Dokkum

 


 

Logo Europese Unie  

 

SAMENWERKINGSVERBAND NOORDNEDERLAND

HET PROJECT Dokkum ONLINE-3D WORDT MEDEGEFINANCIERD

DOOR HET EUROPEES FONDS VOOR REGIONALE ONTWIKKELING EN DE

PROVINCIE FRYSLÂN

Historische zeilvaart en social media

Sinds ik vorig jaar samen met de ICT-Vereniging Noord-Nederland vanuit Lauwersoog een dagtochtje op de eenmastklipper Willem Jacob mee mocht maken bij schipper Tjerk Hesling-Hoekstra aan boord, kom ik hem hier en daar af en toe virteel tegen. Bij LinkedIn bijvoorbeeld. Via links op die site ook weer in Twitter. Als gewezen schipper ben ik blij dat ik nu niet meer hoef te varen, maar ik heb het toch ruim twintig jaren met veel passie en inzet gedaan. Daarom vind ik het leuk om af en toe even een kijkje in de keuken te mogen nemen. Tjerk, maar ook Jeroen van de Harlinger klipper Poseidon geven me geregeld die kans.


Tjerk is sinds kort actief op Twitter, onder de naam @eilandhopwj. Zijn zomerprogramma bestaat uit ‘eilandhoppen’, dagtochten van Waddeneiland naar Waddeneiland. Zijn zoektocht naar effectieve communicatie via ICT en internet doet mij denken aan de mijne, een vijftiental jaren eerder. Ineens was er mobiele telefonie en het internet was net van start gegaan. Mijn partner Inge en ik hadden onze buik vol van het oligopolistische kartel van de ‘kantoortjes’.  

De Willem Jacob. © Tjerk Hesling-HoekstraWe zochten naar manieren om het anders te doen. Dat kwam destijds in eerste instantie neer op het plaatsen een plaatje van het schip op een webpagina. We waren één van de eerste schippers met een website. Later moesten we ook werken aan een aantrekkelijke presentatie, vindbaarheid door zoekmachines in een tijd dat er nog geen Google bestond en nachtenlang per email vragen beantwoorden en offertes schrijven.

Nu, met Twitter en andere sociale netwerken, is het misschien makkelijker geworden, omdat een schipper actueler, heter van de naald, persoonlijker en interactiever met zijn klanten en relaties kan omgaan. Anderzijds, het is nog steeds even moeilijk, omdat hij maar één van de tientallen miljoenen twitteraars en internetters is.

Als ik voor mezelf spreek: ik lees graag mee met de korte statusberichtjes van zeilers als Tjerk of Jeroen. Ik vind het heel erg interessant om te lezen hoe het vanmiddag zit met de wind en de stroom in het Inschot, hoe laat ze aankomen op West-Terschelling, of ‘t er druk is, of je veel eilandhoppers aan boord hebt. Beroepsmatige belangstelling, zou je kunnen zeggen. Misschien denken klanten er anders over, maar ik durf te wedden dat zij het ook willen weten en dat zij zich daardoor laten inspireren.

Misschien moeten de schippers het voor een volger nóg makkeljiker maken om vanuit een statusupdate via Twitter naar een video, foto of website te gaan. Wie weet moeten zij het mogelijk maken dat de kijkers de actuele route volgen met Google Maps, zoals bij de Frisian Solar Challenge. Of ze hangen een webcam in de mast, zoals de schipper van de klipper Hollandia.

 Eilandhopper.nl

De tjalk Zeelandia op het Wierumerwad. Foto © Inge van Hesteren 2001

Ook droogvallen hoort bij het Wadhoppen. De tjalk Zeelandia op het Wierumerwad. Foto © Inge van Hesteren 2001

Europese beeldcommunicatie

Elke keer, als we elkaar de afgelopen anderhalf jaar tegenkwamen, zeiden Simon Simonsen en ik tegen elkaar, dat we videoconference zouden gaan gebruiken voor het onderhouden van contact. Simon vertegenwoordigt de Deense gemeente Vejen in het Europese project Vital Rural Area. Zo eens in het halve jaar komen afgevaardigden van Noordoost-Friesland, Denemarken en elf andere internationale Noordzeepartners bijeen. Als adviseur van de NOFA-gemeenten en van de afdeling Economische Zaken van de provincie Fryslân ben ik er meestal bij. 

Van links naar rechts en van boven naar beneden: Sytze Nauta (gemeente Achtkarspelen), Marc Crolla, Simon Simonosen (municipality of Vejen), Gijs van Hesteren en Marcella Jansen (gemeente Kollumerland). Foto: Gijs van Hesteren

Van links naar rechts en van boven naar beneden: Sytze Nauta (gemeente Achtkarspelen), Marc Crolla, Simon Simonosen (municipality of Vejen), Gijs van Hesteren en Marcella Jansen (gemeente Kollumerland). Foto: Kabel Noord.

Vaker dan tweemaal per jaar zou handig zijn, maar dat stuit op praktische en financiële bezwaren. Toch zijn deze ontmoetingen enorm belangrijk. In zijn subsidievoorwaarden legt het fonds Interreg IV-B niet voor niets grote nadruk op ‘transnationality and knowledge transfer’. Begrijpelijk, want juist dát is het moeilijkste onderdeel van zo’n project. Elke regio heeft zo zijn eigen – soms geheime – agenda en zijn eigen budget. Het is de gemakkelijkste weg om aan die overwegingen voorrang te geven. Maar wij willen in Europa écht iets van elkaar leren, toch? Wij vinden écht, dat het totaal meer moet zijn dan de som der delen. Daarom besteedt het projectmanagement veel aandacht aan het delen van elkaars geheimen. 

Dus hoe lossen we dat op? De weg naar de hel is geplaveid met goede bedoelingen. Dus tot uitvoering van de met de mond beleden voornemens van Simon en mij was het nog niet gekomen. Voor Marc Crolla is dat echter een zacht eitje. Hij voegde vorige week de daad bij het woord. Hij organiseerde een internationale bespreking over het project Klasseglas. Marc is een specialist in ICT-processen, beeldcommunicatie, onderzoek en organisatie, en transities in zorg en onderwijs. Puttend uit zijn ervaring met videoconferencing voor onder andere Klasseglas en Zorg op Afstand bij NijFinster stelde hij een protocol op voor effectief videovergaderen. Als technisch platform stelde hij voor te gaan ‘Skypen’.

Waarom eigenlijk? Het Skypeplatform is nog niet goed uitwisselbaar met H323 en SIP, de tot nu toe gebruikelijke vormen van videoconferencing. Toch is dat niet erg, indien je je realiseert, dat inmiddels tientallen miljoenen mensen beschikken over Skype-ervaring en -software. De echte doorbraak kwam met de laatste Bètaversie nr. 5. Hiermee is het mogelijk om te videoconferencen vanaf meer dan twee locaties tegelijk.

Het zou best kunnen dat de software van het Estlands-Luxemburgse bedrijf in de nabije toekomst wél goed gaat communiceren met andere protocollen. Skype heeft er bijvoorbeeld al lang geleden voor gezorgd, dat vaste mobiele en vaste telefoonnummers bereikt kunnen worden via Skype.
Bovendien is het een gratis platform. Het kost niets, als je ermee wilt beginnen en stel, dat je een beter platform vindt, dan heb je geen geld weggegooid.

Zo zaten we vrijdagmiddag om de virtuele tafel. Beetsterzwaag, Dokkum, Surhuisterveen en Vejen (DK) spraken elkaar uitgebreid, met prima beeld en geluid en in real time. Voor twee van de vijf participanten was het een volledig nieuwe ervaring. Desondanks – na enige gewenning – was de vergadering effectief en nuttig. Lees ook het weblog van Marc over dit onderwerp: Denen helpen Friezen.

De volgende stappen: vaker en met nóg meer gespreksdeelnemers.

Informatie over:
Vital Rural Area
Klasseglas
NijFinster
Kabel Noord
Blog Marc Crolla

Engelstalige versie van dit blog

Zestiende TT Vlagtwedde

Vlagtwedde. Vorig jaar vertelde het programmaboekje van De Stichting Historische TT Vlagtwedde dat het al de 156ste keer was, dat dit evenement plaats zou vinden. Ondanks deze overdrijving met 141 jaar was het – traditiegetrouw – een mooie dag. Ook dit jaar worden er weer rondjes rond de dertiende-eeuwse kerk gereden in de bekende SAM-inhoudsklassen van 50 tot 750cc.

SAM-Racedemo Vlagtwedde 2008 – Jim Redman rijdt rondje om de kerk

In 2008 vroegen we zesvoudig wereldkampioen wegracen Jim Redman wat hij vond van het TT-circuit van Vlagtwedde, uiteindelijk niet meer dan een rondje om de kerk, waarbij gedeelten niet eens geasfalteerd zijn, maar geplaveid met straatklinkers. “Ik waardeer het circuit hier in Vlagtwedde even hoog als de banen van vroeger. Ook de circuits van Assen, Spa, Isle of Man, Solitude, Ulster, Imatra, Jarama waren in de jaren zestig niet meer dan tijdelijk afgezette stukken openbare weg, compleet met stoepranden, telefoonpalen, secties met klinkerbestrating en bushaltes. We wisten niet beter en hielden er gewoonweg rekening mee. Vorig jaar was ik bij de HMV-demo in Eext, ook zo’n kleinschalig, tijdelijk circuit. Ik heb zowel daar als vandaag hier in Vlagtwedde een geweldige dag meegemaakt. Ik heb heerlijk gereden en dozijnen leuke gesprekken gevoerd. Natuurlijk, al voel ik me nog steeds twintig, ik rijd nu als iemand van zeventig!”

(Lees hier het volledige interview met Jim Redman).

Zo denkt Leo de Waard er ook over. Hij is één van de SAM-kampioenen van de afgelopen jaren en stond regelmatig aan de startlijn te Vlagwedde.
“Ook op de baan van Vlagwedde kan je een goed tempo aanhouden. Let goed op de herkenningspunten rondom het circuit. Waar zijn je rempunten, hoe snijd je de bochten aan, waar kan je weer gas gaan geven? Dit is eigenlijk een echte concentratiesport.”

Henk Geesink, die in de 750cc klasse meereed met zijn Laverda SF 750, had ook een duidelijke mening. “Deze motor gebruikte ik eigenlijk vooral op ‘grote’ circuits als dat van Assen. Het wordt zo langzamerhand echter steeds duurder om daar te rijden, om van de geluidsbeperkingen maar te zwijgen. Er is verder ook maar weinig startgelegenheid voor klassieke driekwartliters. Het is hier in Vlagtwedde met een grote, zware machine als deze even wennen, de baan is niet al te lang en het wegdek hier en daar wat hobbelig. Maar het gaat om regelmatigheid, niet om snelheid. Ik heb die mentale knop omgezet en een geweldige dag gehad!”

TT Vlagtwedde 2009

We hopen op net zo’n mooie zomerdag als vorig jaar. Het was toen het hoogtepunt van de Vlagtwedder ‘Week der Besten’. Vele coureurs nemen elk jaar de gelegenheid te baat om er een paar vakantiedagen aan vast te knopen. ‘s Avonds genieten ze nog van de lokale gastvrijheid en de volgende dagen vermaken ze zich in de prachtige omgeving van het Groningse plaatsje.

Voor liefhebbers: Inschrijving staat nog steeds nog open, via de website van SAM Motorsport. Tot ziens op 14 augustus!

Beleef Dokkum op YouTube

De Provincie Fryslân heeft over elk project dat ze heeft gefinancierd vanuit het fonds voor risicovolle innovaties Fryslân Fernijt II een documentaire laten maken. Zo ook van ons project Beleef Dokkum 3D Online. De video is gemaakt door PS Producties uit Leeuwarden. Het resultaat staat inmiddels op het Youtubekanaal van de provincie:http://www.youtube.com/watch?v=vlTQMnsi3i4

‘Wij van Beleef Dokkum’ zijn best tevreden met de film. In luttele minuten is het duidelijk wat we met het plan hebben beoogd. Niet alleen Roeland Westra en ik mochten als directe projectpartners vertellen over Beleef Dokkum, ook onafhankelijke woordvoerders deden dat – zoals een kampeerder en een campingbeheerder.
Op de site van de provincie kan je er het volgende over lezen:

De Provincie Fryslân steunt met het Regionaal Innovatie Programma Fryslân Fernijt experimentele risicovolle samenwerkingsprojecten. Deze projecten dragen bij aan innovatie binnen de thema’s Recreatie en Toerisme, Duurzame Energie en Water. Binnen het thema Recreatie en Toerisme wordt de toerist via internet verleid om naar Dokkum te komen. Op de website wordt de winkelstraat in 3D weergegeven en via WiFi hotspots wordt de toerist in Dokkum gratis informatie aangeboden.
www.fryslan.nl/fryslanfernijt 

Videodocumentaire Beleef Dokkum 3D Online

Niet alleen verleiden we de bezoeker die thuis aan het zoeken is naar een leuke plek om zijn vrije tijd te besteden, we willen hem ook begeleiden als hij eenmaal ter plaatse is. Hoe vaak gebeurt het niet, dat je op je plaats van bestemming de webppagina niet meer kan bereiken, die je zo geïnspireerd had? Daar hebben we nu iets aan kunnen verbeteren.

Meer over het project Beleef Dokkum


Logo Europese Unie  

SAMENWERKINGSVERBAND NOORDNEDERLAND

HET PROJECT Dokkum ONLINE-3D WORDT MEDEGEFINANCIERD

DOOR HET EUROPEES FONDS VOOR REGIONALE ONTWIKKELING EN DE

PROVINCIE FRYSLÂN


Speciale momenten op Hogeschool

Op vrijdagochtend meld ik me in het gebouw van één van de Friese hogescholen. Voor het eerst had ik dit jaar een stagiair van Communicatie op mijn innovatieafdeling bij Kabel Noord. Vanuit de stagecontacten heeft de opleiding me uitgenodigd om als externe adviseur deel te nemen aan assessments van afstuderende studenten. In mijn onschuld heb ik weinig notie van de draagwijdte van het begrip ‘assessment’. Al snel kom ik er achter, dat het meer is dan een beetje vriendelijk meeknikken, terwijl een student voor de vorm nog eens samenvat waarmee hij of zij de afgelopen vier jaar bezig is geweest.


Heel veel hangt er af van het verloop van de eindpresentatie. De studenten worden geacht om zichzelf op een boeiende manier laten zien. Wat zijn hun sterke kanten? Hoe luidt hun belofte aan de samenleving? Een tweede onderdeel bestaat uit de bespreking van een hypothetische ‘communicatiecase’. Kunnen de studenten een gesprek leiden? Vooral, kunnen ze dat gesprek ombuigen in de door hen gewenste richting? Zien zij waar de essentie van een probleem zit? Beschikken zij over een visie op strategie?

Dit is een bijzonder intense ervaring, vind ik. Wat hangt er veel af van mijn oordeel! Aan het eind van de presentatie wordt de student de gang op gestuurd. “Wat voor cijfer geven we hem?”, vraagt de gespreksleider aan zijn mededocente, maar ook aan mij. Ik merk, dat het ertoe doet, als ik een half puntje meer of minder geef aan de presentatie. De vakdocenten nemen dat mee, houden er rekening mee, laten zich overhalen in positieve of negatieve zin.

Ik voel me nogal aanmatigend, dat ik mede beslis over de beoordeling van studenten die ik helemaal niet ken. Het rechtvaardigt de ietwat roze bril, die ik bewust heb opgezet. Het feit alleen al dat deze jonge mensen het na vier jaar hebben gebracht tot dit allesbeslissende podium!


Vier jonge mensen komen deze ochtend aan mij voorbij. De eerste vind ik meer een kunstenaar dan een professional. Passie en gedrevenheid voel ik in zijn smakelijk vormgegeven presentatie. Hij valt met de deur in huis: “Kus op je Kut” heet zijn project. Nogal een beetje grof, die titel. Zelf zou ik er niet mee durven komen, maar het is lekker brutaal. Hij had er kennelijk succes mee, in de evenementenwereld waarin hij zich beweegt.  De jongeman  redt zich goed uit de lastige vragen. Ik voel me met hem verbonden. Ik herken die afkeer van ‘brave’ opdrachten door suffe bedrijven, die zoektocht naar maatschappelijke relevantie. Vaderlijk leg ik hem uit dat de wereld minder zwart-wit in elkaar zit dan ik op zijn leeftijd dacht.

Het scabreuze element in zijn werk zet me aan het denken. Ineens herinner ik me 1969, toen ik als vijftienjarige een abonnement had genomen op het alternatieve tijdschrift voor jongerencultuur, de ‘Aloha’. Muziek, flower power, de sexuele revolutie, underground en shockerende strips speelden een belangrijke rol in dat blad. Het was leuk om de soms expliciete stripverhalen van Robert Crumb en Joost Swarte op het schoolplein door te spreken met klasgenoten. Het blad werd daarom geregeld in beslag genomen door de leiding van de katholieke scholengemeenschap waarop ik toen het onderwijs – met een half oor – volgde.

Met dank aan Lambik

Enfin, na hem komen er nog drie studenten. Eerst meteen na elkaar twee briljante meisjes van een jaar of twintig, waarbij ik denk: “Waar halen ze het vandaan?” De een is oerserieus, supergrondig, ondernemend, snapt alles. De afsluitende case is een zacht eitje voor haar. De andere studente is net zo slim en het verhaal dat ze presenteert geloof ik onmiddellijk. Al verkocht ze varkenspens met spruitjes, ik zou onmiddellijk twee kilo kopen. Beiden hebben, net als de student die hen voorafging, een sterke behoefte aan zingeving in hun beroep. Het geeft mij veel hoop voor de wereld. Daarna discussie tussen de twee docenten en mij: “Is het een negen of een acht?” Ik voel me een schoft als ik voorzichtig meedenk over de redenen die het uiteindelijk voor beiden een acht maken.

De laatste studente van de ochtend is ook al maatschappelijk gemotiveerd en een echte doener. Knap hoor, zoals zij videoproducties maakt. Echter, de rol van cameravrouw ligt haar duidelijk meer dan die van strateeg of marketeer. Is  dat erg? Als je het ondanks die beperking na vier jaar doorzetten brengt tot dit beslissende moment, nee, dan is het niet erg. “Ben ik geslaagd, dus?” vraagt zij met heel zachte stem, als ze haar eindcijfer van de gespreksleider hoort. “Ja, dat ben je,” zegt hij. Het is een bijzonder moment om mee te mogen maken.

Docenten, afdeling communicatie, ik ben jullie dankbaar dat ik een rolletje mocht spelen tijdens deze mooie ochtend! Afgestudeerde studenten, ik ben blij dat ik dit beslissende moment in jullie leven mede mogelijk mocht maken!

Meer over onderwijs